Nationaal Netwerk Brede Welvaart – Morgen maken we Nu!
Geschreven op 1 juli 2026
“De bijeenkomst bracht een diverse groep enthousiastelingen samen: medewerkers van de Rijksoverheid, provincies, gemeenten, nationale en regionale planbureaus, maatschappelijke organisaties en andere netwerkleden.”
Op maandag 15 juni 2026 vond in het Provinciehuis Drenthe in Assen de bijeenkomst ‘Morgen maken we nu!’ plaats, georganiseerd door het Nationaal Netwerk Brede Welvaart. Centraal thema van de dag was: Brede welvaart later – hoe geven we de toekomst vorm, en hoe zorgen we voor een gelijk breed welvaartsniveau voor latere generaties?
De bijeenkomst bracht een diverse groep enthousiastelingen samen: medewerkers van de Rijksoverheid, provincies, gemeenten, nationale en regionale planbureaus, maatschappelijke organisaties en andere netwerkleden. De dag kende een gevarieerd programma met een opening, een inhoudelijke keynote, praktische workshops en een inspirerend toekomstpanel.
Opening door gedeputeerde Yvonne Turenhout
De bijeenkomst werd geopend door gedeputeerde Yvonne Turenhout van de Provincie Drenthe. In de opening werd het belang van brede welvaart als leidend principe voor bestuurlijk handelen benadrukt, en de relevantie van een toekomstgerichte blik voor huidige beleids- en investeringskeuzes. Vooral voor de keuzes die in de omgevingsvisie worden gemaakt, is het brede welvaartsdenken een belangrijk sturingskompas. Dat is niet altijd makkelijk, maar de zoektocht om met elkaar een mooie invulling te geven aan de provincie Drenthe – nu én voor toekomstige generaties – is een belangrijk streefpunt voor provincie Drenthe.
Keynote van Prof. dr. Aleid Brouwer Maken we morgen nu?
Aleid Brouwer nam ons vervolgens mee op reis naar brede welvaart later. Zij schetste een inspirerend kader voor de weg naar brede welvaart voor latere generaties. Samen doorliepen we vier stappen van deze reis:
- Agendering – het onderwerp op de politieke en maatschappelijke agenda krijgen. Wat verdient vandaag onze aandacht?
- Visie – een gedeelde toekomstvisie ontwikkelen over wat brede welvaart straks betekent. Welke toekomst willen we samen realiseren?
- Keuzes – concrete beslissingen durven nemen, ook als de baten hiervan pas later komen. Waar zeggen we ja én nee tegen?
- Ongemak – het aanvaarden en doorwerken van korte termijn weerstand als noodzakelijke stap naar de gewenste toekomst. Welke offers of spanningen accepteren we voor de lange termijn?
Er ontstond vervolgens een levendige discussie met de zaal. Er kwamen verschillende scherpe observaties die de spanning tussen systeemdenken en de leefwereld van inwoners treffend verwoorden. “Integraal wordt fataal” wordt bijvoorbeeld vaak gedacht bij ministeries, terwijl bewoners alles in hun dagelijks leven integraal beleven en beoordelen. Waar beleidsmakers en onze systeemwereld vraagstukken vaak opsplitsen in domeinen, kolommen en budgetten, ervaren inwoners hun leven als één geheel. De roep om een integrale aanpak botst in de praktijk met verkokerde structuren.
Een tweede rode draad in de discussie was de vraag naar het concreet maken van ongemak: wat betekent dit nu precies voor bestuurders en beleidsmakers? Hoe maak je het voelbaar en bespreekbaar? Als illustratief voorbeeld werd deelmobiliteit aangehaald: het vraagt om een eerste fase van investeren in ongemak – infrastructuur opzetten, veranderend gedrag aanleren, haken en ogen doorwerken – vóórdat het profijt voelbaar wordt. Pas als die fase goed is doorlopen, werkt het in de praktijk. Maar moet dit ongemak én de verantwoordelijkheid vooral bij inwoners belegd worden, of gaat het (ook) om veranderingen bij de grotere bedrijven in onze samenleving?
De discussie werd besloten met de opmerking dat de laatste halte niet ongemak, maar juist gemak zou moeten zijn. Zo beschreef een deelneemster dat zij al 20 jaar vegetariër is, maar daar in het begin vooral veel ongemak door ervoer. Overal moest gevraagd worden of er ook vegetarische opties waren – terwijl dat nu op veel plekken vanzelfsprekend is geworden. Dit is dan ook de eindbestemming van brede welvaart later: wat nu ongemakkelijk of uitzonderlijk is, wordt uiteindelijk vanzelfsprekend. Dat vereist doorzettingsvermogen, (bestuurlijk) leiderschap en bereidheid om de eerste ongemakkelijke fase door te komen.