Sociale ongelijkheid neemt niet af, ondanks beleid om sociale verschillen tegen te gaan

Terug

Sociale ongelijkheid neemt niet af, ondanks beleid om sociale verschillen tegen te gaan

Geschreven op 2 november 2021

“De structurele ongelijkheid tussen sociale groepen wordt niet kleiner, ondanks beleid om sociale verschillen tegen te gaan.”

De structurele ongelijkheid tussen sociale groepen wordt niet kleiner, ondanks beleid om sociale verschillen tegen te gaan. Dat constateert het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in het rapport Verschil in Nederland. In het onderzoek maakt het SCP een vergelijking tussen 2014 en 2020. Maar hoe zit dat bij de inwoners van Groningen? Komen deze sociale verschillen ook bij hen terug? 

Verschillen worden niet kleiner

Het SCP ziet nog steeds grote verschillen in zelfredzaamheid tussen inwoners. De verschillen zijn vooral groot tussen mensen die meer en minder toegang hebben tot hulpbronnen zoals werk en inkomen, sociale netwerken, zorg en ondersteuning, of opleiding. Veel mensen in een kwetsbare positie blijven achter, ook doordat problemen zich bij hen opstapelen. Het is met deze groep dus niet beter gegaan. Het is denkbaar dat de coronapandemie  bestaande tegenstellingen uitvergroot, en ook op de langere termijn kwetsbaren op grotere achterstand zet wat betreft geld, relaties en gezondheid.

Minder ervaren sociale cohesie

Een andere uitkomst van het onderzoek is dat er een verband is tussen structurele ongelijkheid en sociale cohesie. Dit komt, volgens het SCP, omdat sociale groepen verschillen in de wijze waarop ze naar het eigen leven en de samenleving kijken. Ze verschillen dus niet alleen in hulpbronnen zoals werk, inkomen, opleiding, sociale netwerken, cultureel kapitaal en gezondheid.

4 procent van Groningers geeft eigen leven een onvoldoende

In recent onderzoek van Sociaal Planbureau Groningen naar de wijze waarop Groningers naar hun eigen leven kijken komen de sociale verschillen ook terug. Gemiddeld gaat het met veel Groningers goed. We zien dat Groningers op provinciaal niveau erg tevreden zijn, zij geven hun leven gemiddeld een 7,8. Goed nieuws, maar achter dit gemiddelde gaan grote verschillen schuil. 4 procent van de Groningers geeft zijn leven een onvoldoende en één op de tien Groningers geeft zijn of haar eigen leven een 6 of lager.

Voor de verklaringen van deze verschillen verwijzen we naar de publicatie ‘Gronings Welzijn. Wat bepaalt het persoonlijk welzijn van Groningers?’. Daaruit blijkt dat het persoonlijk welzijn en welbevinden niet voor iedereen gelijk is. We zien in Groningen grote verschillen tussen groepen en individuen. Zo zien we dat inwoners van Eemsdelta en de gemeenten in Oost-Groningen minder goed scoren op hun ervaren gezondheid, veiligheid, leefbaarheid en tevredenheid met werkgelegenheid. Ook de gevolgen van de gaswinning in Groningen en de huidige coronapandemie hebben grote impact op de kwaliteit van leven van veel Groningers. Jongvolwassenen, mensen met lage inkomens, een laag opleidingsniveau en/of met een slechtere gezondheid zijn daarbij extra kwetsbare groepen.

Delen via social media

Betrokken medewerkers

Heike Delfmann

onderzoeker

  • Mail
  • LinkedIn

Femke de Haan

onderzoeker

  • Mail
  • LinkedIn
  • Twitter

Marja Janssens

onderzoeker-adviseur

  • Mail
  • LinkedIn
  • Twitter

Meer weten?

Neem contact op met één van de betrokken medewerkers