Tussenevaluatie Leefbaarheidsprogramma // NCG

14 april 2020

Aanleiding

De leefbaarheid van het aardbevingsgebied moet een forse impuls krijgen. Dat staat in het bestuursakkoord Vertrouwen op herstel en herstel van vertrouwen dat de minister van Economische Zaken, de provincie Groningen en negen gemeenten hebben gesloten. Om dat voor elkaar te krijgen, zijn sinds 2014 in totaal acht leefbaarheidsprogramma’s in het leven geroepen. De programma’s zijn gebundeld onder de noemer Kansrijk Groningen. Vijf ervan vallen onder de regie van Nationaal Coördinator Groningen (NCG) (voorheen Dialoogtafel Groningen). Initiatiefnemers uit negen gemeenten hebben financiering aangevraagd voor de uitvoering van de programma’s. Deze gemeenten zijn gemeenten Appingedam, Bedum, Delfzijl, De Marne, Eemsmond, Loppersum, Slochteren (onderdeel van de huidige gemeente Midden-Groningen), Ten Boer en Winsum.

Het programma Kansrijk Groningen liep af in 2018. In mei 2018 heeft NCG Sociaal Planbureau Groningen gevraagd een tussenevaluatie uit te voeren van de vijf programma’s die onder de regie van NCG vallen. De drie andere programma’s die onder Kansrijk Groningen vallen (Herbestemming Erfgoed, Elk dorp een duurzaam dak en NAM Leefbaarheids-en duurzaamheidsprogramma) vormden geen onderdeel van deze evaluatie.

Uitdaging

Wonen en leven in het aardbevingsgebied trekt een zware wissel op veel mensen. Het heeft invloed op hun welzijn, gezondheid en soms ook op hun financiën. Als er een programma is dat mensen weer perspectief kan geven, is het goed om te weten of de programma’s daadwerkelijk dat gevolg hebben voor de mensen in het gebied. En dat het geld en de energie dus goed besteed zijn. Het programma Kansrijk Groningen loopt af in 2018. NCG heeft laten onderzoeken wat het effect is geweest van de vijf leefbaarheidsprogramma’s die onder de regie van NCG vallen.

Aanpak

Bij het onderzoek zijn verschillende methodieken gebruikt. Ten eerste zijn er vragen beantwoord door het analyseren van gegevens, zoals aangeleverd door NCG en overige partners, bij de verschillende programma’s. Ook hebben we interviews gehouden met direct betrokkenen en is een ‘versnellingskamer’ met leden van toetsingscommissies georganiseerd. Besloten is om een van de vragen buiten het onderzoek te laten, in overleg met de opdrachtgever. Mede vanuit het oogpunt van privacy is de vraag over de relatie met overlast, en hinder als gevolg van schade, daarmee komen te vervallen.

De vragen die centraal stonden in het onderzoek, waren:

  • Wat is waar gebeurd met de leefbaarheidsprogramma’s, wat is juist niet gebeurd en hoe zijn de middelen besteed?
  • Welke succes- en verbeterpunten zijn er met betrekking tot de opzet, uitvoering en uitkomsten van de leefbaarheidsprogramma’s?
  • Welke bijdrage heeft het programma geleverd aan sociale cohesie?

Resultaten

Het eerste resultaat van de onderzoeken is een helder overzicht en inzicht in de verdeling van de bestede middelen. De evaluatie maakt over vijf van de acht leefbaarheidsprogramma’s inzichtelijk hoe de middelen verdeeld zijn. Door middel van interactieve kaarten is te zien hoe het toegekende geld per plaats, per programma en per inwoner terecht is gekomen.

 

tableau leefbaarheidsprogramma's

Daarnaast is geconcludeerd dat de programma’s die onderzocht zijn, een positieve impuls gaven aan de leefbaarheid in het gebied. Daarmee is de conclusie gerechtvaardigd dat het leefbaarheidsprogramma van NCG succesvol kan worden genoemd. Dit komt vooral omdat de (globale) doelen van de vijf afzonderlijke programma’s grotendeels zijn gerealiseerd. Daarmee is er een stevige impuls gegeven aan de leefbaarheid in het aardbevingsgebied.

De leefbaarheid in Groningen staat nog steeds sterk onder druk. Als laatste resultaat is er dan ook de aanbeveling dat het zinvol is om de komende jaren stevig te blijven investeren in de leefbaarheid. Dit zou dan ook een speerpunt moeten zijn in de uitwerking van Nationaal Programma Groningen.