Levensfasen

Ouders uit het Groninger Panel

We hebben uit het Groninger Panel ouders geselecteerd met thuiswonende kinderen. Uit de respons hebben we de antwoorden over kind gekozen van kinderen tot 18 jaar. In totaal ging het om 725 kinderen. Aan de ouders stelden wij de vragen “hoe kan u zien hoe het met dit kind gaat?” en “Waar zit u mee wat betreft de ontwikkeling van dit kind?”. De antwoorden geven een beeld van de wijze waarop ouders zelf kijken naar hoe het met hun kinderen gaat en welke onderwerpen zij relevant vinden bij het opgroeien van hun kinderen.

0-3 jaar

Ouders weten in de eerste levensjaren hoe het met hun kind gaat door vooral naar hun kind te kijken. Ze letten hierbij op de fysieke uitingen van het kind, bijvoorbeeld of het kind wel goed eet, groeit en slaapt. Ouders besteden in deze fase vooral aandacht aan de cognitieve ontwikkeling van het kind, bijvoorbeeld de ontwikkeling van spraak of zindelijkheid. Het kind huilt, jengelt of komt vermoeid over als het minder gaat. Als het goed gaat dan zien ouders dat doordat hun kind lacht, danst, zingt of een vrolijke en ondernemende houding heeft. Als het kind naar de dagopvang gaat dan is de dagopvang een bron van informatie voor ouders hoe het met het kind gaat.

‘’Als het goed gaat is hij aandachtig, met humor, hij eet / drinkt en slaapt goed. Hij jengelt als het slecht gaat.’’

ouder van een jongen van 2 jaar

3-8 jaar

Vanaf de leeftijd dat het kind kan beginnen met praten gaan ouders aan het kind zelf vragen hoe het met het kind gaat. Waarin naarmate de leeftijd van het kind stijgt, het kind steeds meer zelf aangeeft als het ergens mee zit. Ouders vinden het belangrijk dat het kind voldoende vriendjes en vriendinnetjes heeft waarbij ouders rekening proberen te houden met voldoende speelmogelijkheden in de buurt. Vanaf de leeftijd van vier jaar gaat de school een rol spelen in het leven van het kind en de ouder. Ouders krijgen via de school informatie over hoe het met hun kind gaat. Rond zes jaar beginnen ouders zich af te vragen wat de gevaren van internet zijn en wat de invloed is van frequent beeldschermgebruik op hun kind. Ouders vragen zich af hoe ze hun kind kunnen beschermen tegen de risico’s van internet en beeldschermgebruik. Ouders noemen rond de 6/7 jaar de eerste onzekerheden en faalangsten bij hun kind opkomen, zoals bij activiteiten als het lezen voor de groep of afzwemmen. Als het goed met het kind gaat noemen ouders het kind vrolijk, actief en ondernemend.

‘’Een onzekerheid in het lezen voor een groep, faalangst gerelateerd. Opbouwende spanningen voor leuke activiteiten, diploma zwemmen, hierdoor slecht slapen’’

Ouder van een kind van 6 jaar

8-12 jaar

Ouders krijgen via de school feedback van de leerkracht over hun kind en gaan naarmate de leeftijd vordert (vanaf 10 jaar) meer letten op de schoolprestatie van hun kind. Waarbij ouders zich afvragen of het kind wel genoeg uitgedaagd wordt op school (met zicht op het vervolg naar het middelbaar onderwijs). Ouders vinden het belangrijk dat hun kind genoeg sociale contacten heeft en wordt uitgenodigd voor kinderfeestjes. Naast de school is een grote informatiebron de gesprekken met het kind zelf. Ouders geven aan dat het kind veel vertelt als het goed gaat of wat minder vertelt als het niet zo lekker in zijn vel zit. Als het goed gaat met hun kind zien ouders dat aan hun kind door vrolijk gedrag, veel kletsen en de wil om dingen te ondernemen. Als het niet zo goed met het kind gaat trekt het kind zich terug of vertoont het kind onzekerheden. Vanaf 8 jaar krijgt de invloed van gamegedrag en sociale media gedrag een sterke rol in het leven van het kind en de ouder. Ouders vragen zich af wat de sociale media norm voor invloed heeft op hun kind en of het kind niet teveel aan het gamen is in plaats van andere activiteiten te ondernemen.

‘’ Hij zit het liefst de hele dag achter tablet, computer tv ed. Moet veel moeite doen om hem buiten te laten spelen’’

Ouder van een jongen van 8 jaar

‘’ De invloed van sociale media in combinatie met nieuwsgierigheid kunnen leiden tot ongewenste of zelfs gevaarlijke situaties, hoe kun je als ouder dit voorkomen of sturen’’

Ouder van een meisje van 9 jaar

12-15 jaar

Ouders letten in deze leeftijdsfase meer op de schoolprestaties en merken hoe het met het kind gaat door te letten op het meekomen met het niveau van school of op het huiswerk. Daarbij noemen ouders dat de school best veel van de kinderen vraagt. Ouders krijgen feedback van de school, bijvoorbeeld op ouderavonden, maar minder frequent dan in eerdere leeftijdsfases. Ouders geven aan op te letten of het kind wel voldoende sport en of het met plezier naar sport gaat. De sociale contacten met leeftijdsgenoten spelen een grote rol in het leven van het kind. Ouders vinden het belangrijk dat het kind voldoende afspreekt met vrienden en vinden het soms lastig dat het niet makkelijk is om met vrienden af te spreken als je in afgelegen gebieden woont. Op latere leeftijd wordt de invloed van (verkeerde) vrienden op het kind door ouders genoemd. De invloed van sociale media is een item dat in deze leeftijdsfase speelt, ouders willen niet dat de normen van sociale media het kind zelf of de sociale contacten van het kind beïnvloeden.

Ouders vertellen in deze fase over het ‘’typische’’ pubergedrag. Een mogelijk bijhorende uiting van pubergedrag is het te laat komen/afspraken niet nakomen of slecht plannen die ouders noemen. Met elkaar praten blijft één van de belangrijkste manieren om te weten hoe het met je kind gaat. Interessant is dat in deze fase ouders aangeven dit vooral aan de keukentafel onder het eten te doen. Daarnaast noemen ouders ook vaker dat ze samen met het kind een uitje plannen of een activiteit ondernemen om te weten hoe het met het kind gaat. Het lijkt erop dat ouders activiteiten of momenten met het kind gaan inplannen of gebruiken om in goed contact te blijven.

‘’Assertiviteit naar anderen toe, voor zichzelf opkomen. Niet laten leiden door ‘normen’ op social media’’

Ouder van een meisje van 13 jaar

‘’Of hij wel genoeg contact heeft met klasgenoten ed. Hele dagen dat ie thuis is en waarschijnlijk in vrije tijd op school op z’n telefoon aan het gamen filmpjes kijken’’

Ouder van een jongen van 14 jaar

‘’Hij is een heerlijke puber die alles beter weet en kan’’

Ouder van een jongen van 14 jaar

15-18 jaar

Ouders weten hoe het met hun kind gaat door gesprekken en dagelijks contact aangezien het op latere leeftijd steeds lastiger kan zijn voor ouders om in te schatten hoe het nu echt met het kind gaat. Ouders hebben in deze leeftijdsfase aandacht voor de toekomst van het kind. Ouders denken na over de toekomstvisie van het kind en of het kind voldoende in zijn/haar mars heeft om iets te bereiken. Daarnaast willen ouders graag dat het kind straks geaccepteerd gaat worden en een baan kan vinden in de omgeving. Ouders noemen dat hun kind veel externe druk voelt en dat dit kan resulteren in (fysieke) klachten. School en andere verplichtingen zijn volgens ouders een bron van deze externe druk. Het sociale leven van het kind is een manier om te zien hoe het met het kind gaat, waarbij ouders het belangrijk vinden dat het kind frequent met vrienden kan afspreken en geen vrienden met slechte invloed om zich heen heeft. De frequentie van het sociale media en game gedrag speelt een rol in deze leeftijdsfase, waarbij ouders het belangrijk vinden dat het kind voldoende blijft ondernemen naast het beeldschermgebruik.

’Ik vind dat hij veel te veel aan het gamen is. Dat doet hij in een groepje van andere leeftijdsgenoten, vaak tot s ’avonds laat. We begrenzen dat door de wifi uit te zetten om 2300. Maar we zien dat de (game) computer een enorme aantrekkingskracht op hem heeft. Daar maken we ons zorgen over i.v.m. risico op verslaving’’

Ouder van een jongen van 15 jaar

‘’De veelheid van alles. Pubers moeten ook al veel. Geeft stress en belasting.’’

Ouder van een meisje van 16 jaar