Kinderen in armoede

Kinderen in armoede

Kinderen en jongeren die opgroeien in armoede worden op veel levensgebieden belemmerd. Dingen die voor andere kinderen vaak normaal zijn, kunnen voor kinderen in armoede onmogelijk of moeilijk zijn. Kinderen die opgroeien in een huishouden met een laag inkomen ervaren daarnaast vaker spanningen in het gezin. Opgroeien in armoede kan ten koste gaan van kansen in onderwijs en werk op latere leeftijd.

In Groningen groeien meer kinderen op in armoede dan gemiddeld in Nederland

Naar verhouding groeien in de provincie Groningen veel kinderen op in armoede. In heel Nederland leefde in 2018 8,1% van de minderjarigen (jonger dan 18 jaar) in een gezin dat moest rondkomen van een laag inkomen; 3,3% deed dat langdurig. In de provincie Groningen was dat 9,9% van alle minderjarigen, voor 4,2% was dit langdurig. Het gaat dan in totaal om ruim 9.700 minderjarige kinderen in een huishouden met een laag inkomen en 4.000 kinderen in een huishouden met een langdurig laag inkomen in Groningen.

De gemeenten Appingedam, Delfzijl en Pekela telden in 2018 naar verhouding veel kinderen in een huishouden met een laag inkomen (>12%). Dit zijn ook de gemeenten waarin naar verhouding de meeste kinderen woonden in huishoudens met een langdurig laag inkomen. De gemeente Groningen had voorheen het hoogste aandeel kinderen in een huishouden met een laag inkomen, waarschijnlijk heeft de samenvoeging met de gemeenten Ten Boer en Haren, waar relatief weinig kinderen in huishoudens met lage inkomens wonen, ervoor gezorgd dat dit aandeel nu lager is. Het Westerkwartier was in 2018 de gemeente met de minste kinderen in armoede, namelijk 5,1% van alle minderjarigen.

Trend 2011-2018

Tussen 2011 en 2018 zien we in Nederland dat het aandeel kinderen in huishoudens met een laag inkomen stijgt tot 2013. Daarna vlakt het aandeel weer af, bijna tot het niveau van 2011, namelijk 8,1% in 2018. In de provincie Groningen zien we een gelijkvormige trend alleen blijven in 2018 meer kinderen in armoede wonen dan in 2011 (9,9% in 2018; 8,7% in 2011). Volgens het CBS (2018) komt deze toename voornamelijk doordat meer huishoudens langdurig afhankelijk zijn van een bijstandsuitkering. Het merendeel van deze kinderen maakt dan ook deel uit van een bijstandsgezin.

De ontwikkeling van het aandeel kinderen met risico op armoede volgt in veel  Groningse gemeenten de provinciale en landelijke trend, maar de trendlijnen zijn ook variabel. In vergelijking met 2011 is het percentage kinderen in armoede het meest toegenomen in de gemeenten Delfzijl, Oldambt en Pekela (een toename van respectievelijk 5,3; 2,9 en 2,9 procentpunten). In het Westerkwartier en Stadskanaal was het aandeel kinderen in lage inkomenshuishoudens in 2018 iets kleiner dan in 2011.

Vergelijking inkomensgrenzen

In het balkje bovenaan de grafiek, kun je ook een andere inkomensgrens selecteren. Als we de trends op basis van de inkomensgrenzen tot 110% en 120% van het sociale minimum bekijken voor de provincie Groningen en Nederland, zien we dat de ontwikkeling van het aandeel kinderen in deze huishoudens stabieler is over tijd dan wanneer we kijken naar de lage inkomensgrens. De gemeentes met relatief de meeste en minste kinderen in huishoudens met een laag inkomen, zijn voor alle drie de inkomensgrenzen dezelfde.

Op de lange termijn zien we dat de gemeente Groningen niet het hoogste aandeel kinderen huishoudens onder de lage inkomensgrens heeft, maar wel het hoogste aandeel kinderen in huishoudens met een inkomen tot 110% van het sociale minimum. Het aandeel huishoudens met een inkomen tot 120% van het sociale minimum is in Groningen, na de gemeente Appingedam, ook het hoogst.

Risicogroepen

Kinderen met een migratie-achtergrond uit niet-westerse landen lopen verreweg het grootste risico om op te groeien in een gezin met een laag inkomen. In 2018 leeft in de provincie Groningen 40,1% van de kinderen die in een huishouden met een niet-westerse hoofdkostwinner leven, in een gezin met een laag inkomen. In heel Nederland is dit aandeel een stuk kleiner, namelijk 26,6%. Onder de niet-westerse allochtonen heeft het lage inkomen bovendien veel vaker een langdurig karakter, dat wil zeggen minimaal vier jaar achtereen. Dat het armoederisico hoger is, komt onder meer doordat niet-westerse huishoudens betrekkelijk vaak (langdurig) moeten rondkomen van een uitkering (CBS 2016).

Kinderen in eenoudergezinnen lopen meer risico om in armoede terecht te komen dan kinderen uit een tweeoudergezin. In de provincie Groningen leeft 6% van de kinderen in een tweeoudergezin in een huishouden met een laag inkomen, bij de kinderen in een eenoudergezin is dit 27,5%. In Nederland zijn dit respectievelijk 5,5% en 23,2%. Eenoudergezinnen lopen ook meer risico om langdurig van een laag inkomen te moeten leven.

Medewerker

Marian Feitsma

onderzoeker-adviseur

Delen via social media

Delen via social media

Betrokken medewerkers

Marian Feitsma

onderzoeker-adviseur

Jessy Snip

Onderzoeker

Meer weten?

Neem contact op met n van de betrokken medewerkers

Gerelateerd nieuws

Armoede

Dienstverlening voor mensen in armoede en schulden kan effectiever

Armoede

Armoedecijfers in beeld per gemeente

Armoede

Nieuw feitenblad over doorbreken generatie-armoede

“Om generatie-armoede te doorbreken moet van jongs af aan extra worden geïnvesteerd in de kinderen.” Generatie-armoede is een taai vraagstuk. Nieuwe generaties uit arme families hebben een grotere kans om ook arm te worden. De RUG, Sociaal Planbureau Groningen en Trendbureau Drenthe brachten de mechanismen hierachter in beeld.

Armoede

Zes professionals reageren op het onderzoek 50 stemmen van mensen in armoede of schulden

De uitkomsten van het onderzoek 50 stemmen van mensen in armoede of schulden zijn herkenbaar, zowel de positieve als de negatieve punten. Dat blijkt uit gesprekken met zes professionals[1] die werkzaam zijn op het gebied van armoede of schulden. Zij gaven op verzoek van Sociaal Planbureau Groningen en Trendbureau Drenthe hun reactie gegeven op h

Armoede

Kom ook naar de bijeenkomst (Nog) betere dienstverlening bij armoede en schulden op 26 februari 2020

“Toelichting op onderzoeksresultaten en vertaling naar de praktijk.” Hoe ervaren mensen in armoede of schulden de hulp en ondersteuning die zij ontvangen van instanties? Welke dienstverlening werkt voor hen goed en waar liggen knelpunten? En vooral: Hoe kan het beter? Dit zijn de vragen waar het op deze bijeenkomst om draait.

Publicaties

Armoede

Webinar '50 stemmen van mensen in armoede of schulden' terugkijken

Armoede

Feitenblad Armoede: het beeld van de gemeente Het Hogeland 2020

Armoede

Feitenblad Armoede: het beeld van de gemeente Loppersum 2020